3 Redenen waarom ik voorzichtig ben met wildplukken
Ook als herborist

Wildplukken is populairder dan ooit. En eerlijk gezegd begrijp ik dat heel goed.
Het is bijzonder als je planten kunt herkennen tijdens een wandeling. Het is heerlijk om te ruiken aan wilde kruiden en de natuur op te snuiven. Als je weet hoe je een kruid of plant kunt gebruiken is het dan ook verleidelijk om een beetje mee naar huis te nemen. Wildplukken kan je verbinden met wat er om je heen groeit. Het helpt je met aandacht buiten te zijn.
Toch ben ik voorzichtig met wildplukken. Ook als herborist. Niet omdat ik vind dat je helemaal niets mag plukken, maar omdat ik denk dat we soms vergeten hoe kwetsbaar de natuur eigenlijk is. En dat we een verantwoordelijkheid dragen om daar respectvol mee om te gaan.
1. Natuurgebieden zijn kwetsbaar
Veel kruiden groeien op plekken waar de natuur al onder druk staat. Denk aan duinen, bermen of kleine natuurgebieden waar veel mensen wandelen. Mijn wandelreels maak ik ook in een beschermd natuurgebied. Daar geldt: kijken mag, plukken niet.
Vaak hoor je als richtlijn: “Pluk alleen een klein deel en laat genoeg staan.” Maar wat als de volgende tien wandelaars precies hetzelfde doen?
Dan blijft er uiteindelijk alsnog weinig over. Sommige planten groeien langzaam terug of zijn belangrijk voor insecten, vogels en de bodem. En juist populaire kruiden verdwijnen soms op plekken waar veel mensen komen. Daarom probeer ik terughoudend te zijn. Zeker in kwetsbare natuurgebieden.
2. Dieren kunnen niet online kruiden bestellen
Dat klinkt misschien een beetje grappig, maar ik meen het wel serieus. Veel planten zijn voedsel, schuilplek of leefomgeving voor dieren en insecten. Bloemen leveren nectar. Zaden en bessen worden gegeten door vogels. Bladeren worden gebruikt door rupsen en andere insecten.
Wij mensen hebben altijd een keuze. We kunnen kruiden kweken in de tuin, kopen bij een biologische kweker of gedroogd bestellen. Dieren hebben die keuze vaak niet. Dat besef helpt mij om de natuur niet als supermarkt te zien. Niet alles wat groeit is automatisch van ons, alleen omdat het vrij beschikbaar lijkt.
3. Niet overal vind je schone plekken om te plukken
Langs wegen, honden uitlaatplekken, landbouwgrond of vervuilde bermen pluk ik ook liever niet. Planten nemen stoffen op uit hun omgeving en maken daarbij geen onderscheid tussen voedzame en verontreinigende stoffen. Het is niet zozeer de urine waar ik me zorgen over maak, als wel de medicijnresten die daarin zitten. Bovendien weet je niet altijd wat er gespoten is of hoeveel uitstoot er op een plek neerdaalt. Daarom vind ik het belangrijk om zorgvuldig te kiezen waar je plukt voordat je kruiden gebruikt.
Af en toe een beetje wildplukken mag best
Tegelijkertijd vind ik wildplukken ook iets moois en wil ik niet de pret bederven. Een paar vlierbloesems voor siroop of champagne. Wat dennenknoppen in het voorjaar. Een klein bosje duizendblad om te leren kennen of wat brandnetel voor een pesto. Een paar blaadjes van de uitheemse rimpelroos voor een mooie roze geurende suiker of wat bottels voor jam. Dat soort kleine pluk-momenten kunnen je juist dichter bij de natuur brengen.
Maar voor mij hoeft wildplukken niet productief te worden. Volg de natuur door goed te kijken, pluk af en toe een kleine hoeveelheid. Als je een tuin of balkon het, verrijk die dan met lokale inheemse kruiden. Want veel kruiden kun je ook prima leren kennen in je eigen tuin of in een pot.











